Disruptie: op zoek naar een menselijke balans

‘Disruptie’. Spreek dit woord uit en je bent tegenwoordig helemaal mee. Het is hét modewoord in economische middens. Het is ook officieel de vijand nummer 1 geworden van de vakbonden, maar net zo goed van heel wat werkgevers. Disruptie zorgt ervoor dat bedrijven en sectoren die gisteren nog een baken van stabiliteit waren, vandaag meegezogen worden in reusachtige ‘sink holes’ die hun omzet, winsten en daarmee ook werkgelegenheid wegzuigen.

Screen Shot 2015-10-02 at 12.32.47

Disruptie is niet los te koppelen van de versnelling in technologische verandering die we vandaag meemaken. Die versnelling is te wijten aan de exponentiële toename van rekenkracht sinds de jaren ’60 van de vorige eeuw. In combinatie met doorbraken in onder meer biotechnologie, nieuwe materialen en relationele databanken, heeft het een kettingreactie teweeggebracht in domeinen zoals artificiële intelligentie, 3D printing, robotica, big data en geneeskunde.

De belangrijkste bron van deze technologische disruptie is Silicon Valley. En deze bron zal nog niet snel opdrogen om drie belangrijke redenen:

1. Wereldklasse in knowhow en opleidingen. Twee van de drie beste universiteiten ter wereld (volgens de recente Times ranking) liggen in Californië (CalTech en Stanford). Nog eens drie andere staan in de top 25. Maar daarenboven zuigt de regio het beste talent aan uit de rest van de wereld.

2. Concentratie van technologiegiganten. Zeven van de tien grootste technologiebedrijven bevinden zich in deze regio. Het grootste Europese technologiebedrijf (SAP) staat dertiende, maar daarachter gaapt een leegte voor Europa, het is ‘Silicon Valley all the way’ bij de grote techbedrijven.

3. Overvloed aan financiële middelen. Andreessen-Horowitz of KPCB (Kleiner Perkins Caufield & Byers) zijn misschien onbekend bij de grote massa, maar het zijn ‘power houses of tech finance’. Ze hebben start-ups zoals Skype, Twitter, Facebook (Andreessen) en Amazon.com, Genentech, Genomic Health, Google, Juniper Networks, Netscape, Sun Microsystems, Symantec, Verisign, WebMD en Zynga (KPCB) gefinancierd. Venture Capital is er in overvloed. Ondertussen zijn de voormalige startups zelf zo rijk, dat ze op hun beurt starters funden. Google alleen financiert dit jaar 500 miljoen USD in bedrijven!

Deze drie krachten versterken elkaar als een vliegwiel, en zorgen ervoor dat de regio zijn technologische voorsprong niet alleen behoudt maar verder versterkt.

Toch zou het fout zijn om te geloven dat er geen bedreigingen zijn voor de heerschappij van de Californische technologievallei. Er zijn minstens drie sluimerende gevaren, en twee acute gevaren voor haar dominante positie.

1. De limieten van de mens

Silicon Valley zuigt talent aan, maar verbruikt ook veel menselijk talent en spuwt het vervolgens uit. Werknemers bij Google of Apple zijn trots om erbij te horen. Dat proclameren ze maar al te graag naar de buitenwereld. Maar binnenskamers getuigen ze van de grote onzekerheid: het werken onder immense druk, zonder contract, zonder enige werkzekerheid. Het is niet makkelijk om je eigen doelen te moeten stellen, en die vervolgens week na week te kloppen. Zoiets wordt onhoudbaar. Een Belgische werknemer die over deze stress klaagde bij zijn topnotch werkgever kreeg als antwoord: ‘We geloven je verhaal, maar hebben ook opgemerkt dat je niet deelneemt aan onze cursussen ‘mindfulness’.’ Vervolgens werd hij verplicht die lessen te volgen. ‘En het hielp ook nog’ fluisterde hij in de bedrijfskantine. ‘Voorlopig toch, want ik kan daardoor opnieuw mijn grenzen verleggen voor het bedrijf.’

Die menselijke limieten spelen ook op andere domeinen: omgaan met de indigestie aan informatie, impulsen en de constante dwang om online –bereikbaar- te zijn. De mens wordt de zwakke schakel in het digitale verhaal. Daarom dat de goeroes in de vallei dromen van artificiële intelligentie, robotten die meer en meer de rol overnemen van die zwakke mensen. Anderen, zoals Elon Musk, waarschuwen net voor deze evolutie.

2. De limieten van de privacy

Volkswagen bouwde slimme (nu ja) systemen in, om controles te omzeilen. Techbedrijven gaan vele stappen verder. Zo weten we dat de gehele ‘backbone’ van het internet in Amerikaanse handen zit, en vele achterdeuren heeft om instanties te laten meeluisteren. Maar ook bedrijven hebben deze achterpoortjes laten installeren, die al dan niet met instemming van de gebruikers worden geopend om hun gedrag, voorkeuren en eigenschappen te inventariseren. We hebben dit allemaal gewild en ongewild toegelaten, verblind door de technologie en de aantrek van ‘gratis’. Als het product ‘gratis’ is, is de gebruiker zelf een handelsgoed.

In toenemende mate beginnen gebruikers zich echter te wapenen tegen het inbreken in hun privacy. ‘Ad blockers’ zijn niet de enige dreiging voor het inkomstenmodel. Facebook, Google en Apple weten dat ze op de grens lopen van wat privacy-wetgevingen toestaan. En net zoals Volkswagen die grenzen kende, en toch overschreed, is de verleiding groot om die grenzen te verleggen of te overschrijden als er geld, prestige en macht mee gemoeid is. Existentiële schade dreigt als pak-sanctie. Sjoemeldiesels kennen we al, wie garandeert dat we geen sjoemelfoons hebben?

3. De limieten van fiscale achterpoortjes

60% van de winsten van de Amerikaanse ondernemingen loopt via landen die bekend zijn als ‘tax havens’, zo stond er afgelopen donderdag in The Wall Street Journal. Google en Apple hebben honderden miljarden dollars aan cashoverschotten opgestapeld in deze fiscale paradijzen. Apple leent ondertussen, fiscaal vriendelijk, tientallen miljarden om… dividenden uit te keren en eigen aandelen in te kopen. De financiële rijkdom van de techreuzen heeft Saudische proporties, en begint mensen de ogen uit te steken. Het botst ook stilaan op politieke weerstand, zeker in een periode dat overheden armlastig op zoek zijn naar centen.

4. Hybris

Naast de driedubbele limieten, is het grootste gevaar voor de Valley in mijn opinie de menselijke overmoed of hybris. Sillicon Valley is het Wall Street van 2007 aan het inhalen op dat vlak. Jonge geldwolven zoeken niet meer hun geluk op Wall Street maar trekken liever naar Mountain View, Palo Alto of Menlo Park. De arrogantie van de techgiganten is voor henzelf uiteraard onmerkbaar, maar voor buitenstaanders des te opvallender. Het dedain tegenover Europeanen, die inferieur zijn op technologisch en ondernemersvlak bijvoorbeeld. Het overdreven geloof in de perfectie van technologische oplossingen. En het ultieme: de grote techondernemers geloven al te vaak in hun onsterfelijkheid, door de vooruitgang van de eigen gemaakte technologie. Dat was al zo bij Steve Jobs, die niet kon geloven dat hij getroffen werd door een vreselijke ziekte. De baas van Google Ventures zei onlangs dat het enige nadeel ervan is, dat hij veel naar begrafenissen van anderen zou moeten gaan. Ik wou dat hij het als een grap bedoelde. En hoeveel ik Elon Musk ook bewonder, zijn oplossing om Mars bewoonbaar te maken (‘let’s nuke its poles’) komt net iets te makkelijk uit zijn mond. Sommigen verwensen de democratie omdat het technologische vooruitgang in de weg staat. Peter Thiel, oprichter van PayPal en venture capitalist schreef in 2009 in een publieke bijdrage ‘Most importantly, I no longer believe that freedom and democracy are compatible. (…)’ Vervolgens stelde hij het vrouwenstemrecht in vraag. Techondernemers beginnen zich als goden te voelen, die ver verheven boven de gewone massa, de hefbomen moeten krijgen om de wereldse problemen op te lossen. In deze middens is het zoeken naar balans, door te verwijzen naar nucleaire energie of GGO’s, erg moeilijk. Gewone mensen stellen de goden niet in vraag. Zo heb ik reeds meermaals zelf ondervonden.

5. China, piracy en remmende voorsprong

Geen enkel land en geen enkele regio is er tot nu toe in geslaagd de unieke cluster van Silicon Valley na te bootsen. Sommigen hebben kleine accenten overgenomen, zoals ons land in biotech of halfgeleidertechnologie. Alleen China is in staat om op termijn in de buurt te komen, maar nog steeds op grote afstand van het origineel. Toch is het verbazend hoe snel China erin is geslaagd om techreuzen voor te brengen. Baidu, AliBaba, Tencent zijn de Chinese equivalenten van Google, Amazon en Whatsapp/Facebook. Xiaomi zit in het spoor van Apple, en Huawei (de killer van het Leuvense Option) is de challenger van Cisco.

Daarbij schuwen de Chinezen het niet om schaamteloos te kopiëren. Ergens speelt ook hier de wet van de remmende voorsprong: de volgers kunnen sommige technologieën met minder inspanningen nabootsen dan de pioniers.

Disruptie of valsspelen?

Technologie is vandaag bijna een geloof geworden. Het is ook indrukwekkend, en verdient alle respect en bewondering. Maar in toenemende mate ontbreekt evenwicht en een dosis gezonde kritiek. Zo kom je in San Francisco in contact met het grensverleggende technologische optimisme maar zie je ook net zo goed de harteloze maatschappelijke disruptie. Als je het wil zien tenminste.

Disruptie is een slogan geworden om blind te zijn voor valse disruptie. Want het omzeilen van sociale en fiscale regelgeving, zoals Uber en Airbnb voor een stuk doen, is uiteraard disruptief, maar vroeger zou het gewoon onder de noemer ‘valsspelen’ staan. Het is niet omdat iets gebruik maakt van een coole app of via een smartphone wordt aangeboden dat het plots onze kritische houding moet doen wegsmelten, en we allen voorstander moeten worden van ‘disruptie’.

Zo wordt ook al te snel het woord ‘collaborative’ in de mond genomen, terwijl het helemaal niet gaat over een sociaal of coöperatief gebeuren, maar gewoon om een commerciële handeling of erger nog, uitbuiting. Het moeilijke is dus om de juiste balans te vinden: vandaag ben je ofwel ‘tech-lover’ ofwel ‘conservatief’. In realiteit is het veel gebalanceerder. De technologie van Uber is potentieel in staat om het aantal weekenddoden te verminderen, mobiliteit te verbeteren, en jongeren een job aan te bieden die hen in staat stelt in te voegen in het economische proces. Maar alle sociale, fiscale en veiligheidsregels omzeilen kunnen we gewoon niet toelaten.

We zullen deze paradox goed moeten beheersen: de nieuwe technologieën kunnen een boost geven aan een moderne diensteneconomie, maar het is niet wenselijk dat die dienstenjobs een klasse van ‘working poor’ worden onder de controle van enkele efficiënt georganiseerde softwarebedrijven.

Techgiganten proberen hun technologie zo veel mogelijk uit te rollen, zonder al te veel voorafgaandelijke goedkeuring. Dat heet innovatie, maar balanceert op de rand van de bestaande regelgeving. Het maakt ons verslaafd aan Google Maps, Facebook of Booking.com alvorens we de donkere kant merken, en dan is er geen terugdraaien meer mogelijk. Het is dus een dunne lijn tussen disruptie of agressief uitrollen van businessmodellen.

Silicon Valley voelt zich totaal niet verantwoordelijk voor maatschappelijke gevolgen van hun activiteiten. Nochtans zijn die omvangrijk: jobdestructie, inkomensongelijkheid, maatschappelijke onzekerheid,… net zo goed als veel positieve maatschappelijke gevolgen: nieuwe dienstenjobs, community building, efficiëntieverbetering, geneeskundige doorbraken.

Het is makkelijk om kritiek te hebben op stakende taxichauffeurs. Hun dienstverlening kan beter –understatement- véél beter, net zoals hun te hoge prijzen, vuile auto’s etc. Maar wat empathie is niet verkeerd, want úw beroep kan het volgende slachtoffer van disruptie zijn. Het is Uber trouwens niet te doen om dienstenjobs te creëren, het ultieme doel is de Uber driverless taxi.

De beate technologiebewondering is dus even nefast als het trachten tegen te houden van haar vooruitgang. Technologie is echter niet onfeilbaar, zoals we ondertussen weten van de even onfeilbaar geachte nucleaire technologie. Topeconoom en statisticus Nassim Taleb heeft bijvoorbeeld al jaren inhoudelijke kritiek op GGO’s. Dat heeft me aan het denken gezet, alhoewel ik steeds voorstander ben geweest. Taleb waarschuwt net voor de hybris van de wetenschappers, en de ‘tail risks’: risico’s die niet worden ingeschat en omvangrijke gevolgen hebben voor de maatschappij.

Het zijn uitzonderingen onder techentrepreneurs die een brede maatschappelijke visie ontwikkelen en uitdragen: net daarom zijn Bill Gates, Elon Musk een stap hoger dan andere erg straffe ondernemers zoals Steve Jobs of Jeff Bezos.

De gehele streek zit letterlijk op een aardbevingszone, waar opgestapelde energie van decennialange tektonische bewegingen op zeker moment zullen uitbarsten. Maar zoals we met deze bijdrage willen duidelijk maken, zit die opgehoopte spanning er ook op economisch vlak. De fricties op verschillende vlakken bouwen enorme energie op, en dat zal vroeg of laat uitbarsten. En telkens weer na de beving en de vernielingen, zal op het puin opnieuw een imperium herrijzen, nog grootser en overmoediger dan tevoren. Vooruitgang is immers niet te stoppen, anticiperen zit niet in de mens, en we vergeten ontzettend snel de lessen van het verleden. We zijn geen robotten…

Econopolis trekt deze week met een groep Vlaamse ondernemers naar de technologische hotspot van de wereld. Gedurende het hele verblijf kunt u hier op standaard.biz exclusief de blog over deze reis naar Silicon Valley meevolgen.

Auteur: Geert Noels: partner en econoom bij Econopolis

De Standaard, 02/10/2015
Dit artikel werd gereproduceerd met toestemming van de uitgever, alle rechten voorbehouden. Elke reproductie dient het voorwerp uit te maken van een specifieke toestemming van de beheersvennootschap License2Publish: info@license2publish.be



Econopolis

Cet article a été rédigé par Econopolis

le 2 octobre, 2015 sur Press