1 is minder dan 2

Schermafbeelding 2012-06-22 om 13.57.21.png

Geen kat die deze stelling zal betwisten, maar de impact ervan op de Chinese economie wordt vermoedelijk zwaar onderschat. We hebben het uiteraard over de geboorte beperkende maatregel dat het grootste deel van het land al decennia lang slechts één kind mag hebben.

China beheerst de wereldeconomie zoals wellicht nog nooit een land gedaan heeft. De op één na grootste regio (gemeten naar BBP) verbruikt bijna de helft van wat er wereldwijd wordt geproduceerd aan o.a. ijzererts en koper; voor olie is dat nog maar 10% maar de inhaalrace is ook hier volop aan de gang. Het wordt gewoon een kwestie van aftellen alvorens China de USA van de eerste plaats zal verdringen.

De voorbij jaren kende China een nooit geziene groei van om en bij de 10%, ook al was die grotendeels op gang gebracht (en gehouden) via door de overheid gestimuleerde investeringswerken. Ontelbare huizen en aanverwante infrastructuurwerken creëerden werkgelegenheid in de hoop dat de consumptie zou volgen en zo de trekkersrol overnemen. De vele berichten over leegstaande spooksteden vertellen ons dat het geen volledig succesverhaal is geworden, maar de Chinezen hebben een lange adem en kunnen nog een tijdje yuans blijven bijdrukken om gezichtsverlies te vermijden.

De media gewagen de laatste tijd van een harde landing, China zelf houdt het op een bijgestelde lagere groei van 7 à 8%, maar meestal doen de krantentitels dit bijna af als een doemscenario. Enige wiskundige rationaliteit zou ons minder pessimistisch moeten maken. Stel dat mijnheer Hang Song een winkel begint en de eerste week 100 klanten heeft. De daaropvolgende week zijn het er 200 en hij heeft dus een verdubbeling gerealiseerd. Indien hij er de derde week in slaagt om opnieuw 100 extra klanten te vinden, kent hij echter “slechts” 50% groei. Stel dat hij er elke week 100 nieuwe mag verwelkomen dan zal iedereen het er roerend over eens zijn dat hij een succesvolle zaak heeft opgebouwd. Nochtans, in percentage gemeten zal zijn groei elke keer afnemen.

Dat is wat er in China gebeurt. Neem nu het voorbeeld van het wagenpark. Er rijden nog geen 100 miljoen personenwagens rond en jaarlijks worden er ongeveer 15 miljoen verkocht. Ook al zou dat laatste cijfer niet meer toenemen, dan nog zal de vloot de eerste jaren blijven uitbreiden en o.a. het brandstofverbruik drastisch doen stijgen.

Het gevaar voor de Chinese economie, en waar ik in de titel op alludeer, zit niet in de in percentage gemeten dalende groei, maar in de geboortepolitiek.

In 1979 lanceerde men de een-kind-per-gezin regel, waar slechts een beperkt aantal uitzonderingen op waren (zoals landbouwers waar het eerste kind een meisje was). Maar over het algemeen werd die blijkbaar toch goed opgevolgd, zodat het geboortecijfer nu zou gedaald zijn tot 1,7 (wat eigenlijk nog veel is en heel wat “overtredingen” insinueert).

Een tweede gevolg was dat veel gezinnen waar de eerst geborene een meisje zou worden, voor abortus kozen. De reden hiervoor is dat de traditie er wil dat de ouders van een meisje een dure bruidsschat moeten betalen. Daardoor zijn er in China nu minder vrouwen dan mannen, wat voor de vrouwen weliswaar een luxeprobleem is maar op termijn het geboortecijfer nog eens zal doen dalen.

Opnieuw leert een snelle rekensom ons heel wat.

Ten eerste dat de basis van de bevolkingspiramide aan het versmallen moet zijn. In de toekomst zal de bevolking er dus wel afnemen, maar daarvoor komt er een vergrijzingsprobleem. Zij die vanaf 1979 beginnen werken zijn, zullen dat nog wel enkele jaren volhouden, maar tegen het einde van dit decennium zullen de eersten op pensioen beginnen te gaan. De verhouding werkenden-gepensioneerden zal van dan af ook drastisch be…



Econopolis

This article was written by Econopolis

on 22 June, 2012 about China, Financial Markets