ECB bouwt heel langzaam stimulus af

Zoals verwacht, kondigde de ECB deze week aan dat ze vanaf januari minder geld gaat bijdrukken. In plaats van 60 miljard euro per maand zal ze volgend jaar 30 miljard per maand in het financieel systeem pompen. Dat doet ze op z’n minst tot september, en langer indien nodig. Bovendien maakte Draghi duidelijk dat hij niet zal aarzelen om terug meer geld bij te drukken, mocht de economische situatie of de toestand op de financiële markten verslechteren. Daarmee hamerde hij nog maar eens op de zeer voorzichtige aanpak van de ECB. Tegelijkertijd gaf Draghi ook mee dat renteverhogingen nog lang niet aan de orde zijn.

ecb

De ECB lijkt grosso modo het voorbeeld van de Fed te volgen met zo’n vier jaar vertraging. De economie zit duidelijk in de lift, en tegen die achtergrond wil de ECB terug naar een normaler beleid. Maar de ECB wil vooral vermijden dat die beleidswijziging het economische herstel of het gunstige financiële klimaat verstoort. Net daarom gaat Draghi uiterst omzichtig te werk. Niettemin ziet het er naar uit dat het gelddrukprogramma van de ECB tegen eind volgend jaar afloopt. Daarna zal de ECB haar balans constant houden, om allicht tegen eind 2019 een eerste renteverhoging te overwegen. Daarna kan het nog makkelijk een jaar of twee duren voor er effectief stappen gezet worden om de balans te gaan afbouwen. Kortom, het monetaire beleid blijft een hele tijd heel erg ondersteunend.

Toch is dit een belangrijke stap voor de financiële markten. De periode van almaar meer monetaire stimulus ligt achter ons. De komende jaren, tot de volgende crisis toeslaat, zullen de centrale bankiers geleidelijk de stimulusmaatregelen gaan afbouwen. Pas als de inflatie wat gaat oplopen, zal de druk om dat proces te versnellen echt gaan toenemen. Maar dat lijkt er op korte termijn niet meteen in te zitten. Ook al zal de afbouw van de monetaire stimulus heel geleidelijk aan gebeuren, kan dat niet zonder gevolgen blijven voor de financiële markten. De combinatie van minder (extra) stimulus en een aantrekkende economie moet de rentes op langere looptijden hoger duwen. Anderzijds blijven de rentes op cash of klassieke spaarproducten allicht nog jaren extreem laag.     



Dit artikel werd geschreven door Bart Van Craeynest

op 27 oktober, 2017

Bart Van Craeynest ging na zijn studies economie aan UFSIA aan de slag als econoom in de financiële sector. Hij volgt in deze functie al meer dan 15 jaar de Belgische en de internationale economische ontwikkelingen, en de impact hiervan op de financiële markten. Na een langere passage bij een grootbank werd hij in 2010 hoofdeconoom bij een Belgische financiële instelling. Sinds 2015 vervult Bart Van Craeynest bij Econopolis de rol van hoofdeconoom. Hij is medeverantwoordelijk voor de economische lijn van het huis en nauw betrokken bij het uittekenen van de beleggingsstrategie.