Europese economie hapert

De voorbije week haperde het groeiverhaal in de Eurozone. Cijfers voor het eerste kwartaal gaven aan dat de economische dynamiek duidelijk vertraagde. Na een geannualiseerd groeitempo van bijna 3% in de voorgaande negen maanden zakte de groei terug tot 1,7% in het eerste kwartaal. Tegelijkertijd zakte de kerninflatie in april tot amper 0,7%, net boven het historische dieptepunt. De combinatie van afkoelende groei en terugvallende inflatie doorkruist het optimistische verhaal over de Eurozone van het voorbije jaar. Maar de tegenvallende cijfers moeten wel genuanceerd worden. Zowel voor de groei als voor de inflatie speelden tijdelijke factoren een rol. De economische activiteit in het eerste kwartaal werd op z’n minst gedeeltelijk ondermijnd door het stenge winterweer. Voor de inflatie was de timing van Pasen dit jaar een factor (de paasvakantie heeft een impact op de prijzen van vakanties, waardoor het uitmaakt of die volledig in april of gedeeltelijk in maart en april valt). De impact van die tijdelijke factoren moet snel terug wegebben.

ez-eco

De vraag is of er niks meer aan de hand is met de Europese economie. De eerdere versteviging van de euro speelt de Europese exporteurs ongetwijfeld parten, terwijl enige onzekerheid blijft hangen over het risico van een internationale handelsoorlog. Daarnaast kan ook de recente stijging van de grondstoffenprijzen wegen op de economische activiteit. Anderzijds blijft het beleid heel erg ondersteunend. De ECB houdt voorlopig vast aan een uitermate soepel monetair beleid, terwijl nieuwe ramingen van de Europese Commissie aangeven dat de budgettaire teugels doorheen de volledige regio in 2018-2019 gevierd worden (met een budgettaire impuls van 0,7% van het BBP op het niveau van de Eurozone). De vertrouwensindicatoren zakten de jongste maanden terug van hun eerdere pieken, maar blijven toch op vrij hoge niveaus. Al bij al ziet het er naar uit dat de euro-economie ook de komende kwartalen blijft groeien, maar de periode van forse positieve verrassingen en stevig versnellende economische dynamiek ligt allicht achter de rug.

Tegen die achtergrond vallen van de ECB op korte termijn geen spectaculaire nieuwe stappen te verwachten. De ECB lijkt al een tijdje op zoek naar een vlotte uitstap uit haar uitzonderlijke maatregelen. Het aankoopprogramma werd al fors teruggeschroefd, en het ziet er nog altijd naar uit dat dat programma na september geleidelijk zal uitdoven. Op een eerste renteverhoging wordt het dan wachten tot de tweede helft van 2019. Maar als de kerninflatie ook de komende kwartalen koppig blijft hangen rond 1%, dan wordt het nog veel langer wachten op die eerste renteverhoging.



Dit artikel werd geschreven door Bart Van Craeynest

op 4 mei, 2018

Bart Van Craeynest ging na zijn studies economie aan UFSIA aan de slag als econoom in de financiële sector. Hij volgt in deze functie al meer dan 15 jaar de Belgische en de internationale economische ontwikkelingen, en de impact hiervan op de financiële markten. Na een langere passage bij een grootbank werd hij in 2010 hoofdeconoom bij een Belgische financiële instelling. Sinds 2015 vervult Bart Van Craeynest bij Econopolis de rol van hoofdeconoom. Hij is medeverantwoordelijk voor de economische lijn van het huis en nauw betrokken bij het uittekenen van de beleggingsstrategie.